Uitgaven

Naast de uitgaven die je zelf invoert, rekent Lumeo automatisch met de lasten die al uit andere gegevens volgen: hypotheeklasten, huur, verzekeringspremies, VVE-bijdragen, erfpacht, schuldtermijnen en lijfrente-inleg. Die hoef je dus niet nog een keer als uitgave toe te voegen.

Elke uitgave is doorlopend (per maand of per jaar) of eenmalig in een specifiek jaar. Doorlopende uitgaven stijgen mee met de instelling Inflatie van het scenario, eenmalige uitgaven blijven op het ingevoerde bedrag staan.

Lijfrente-inleg

De lijfrente-inleg telt als maandlast mee tot het moment dat de uitkering begint. Lumeo bepaalt dat moment in deze volgorde:

  1. de einddatum van de inleg, als die is ingevuld;
  2. anders de uitkeringsdatum van het product, inclusief een afwijkende datum die in het scenario is ingesteld;
  3. en anders de AOW-datum van de persoon aan wie het product is gekoppeld.

Zo loopt de inleg nooit door terwijl het product al uitkeert.

In het sub-scenario Overlijden stoppen de lijfrente-inleg en de verzekeringspremies van de overledene op de overlijdensdatum.

In het risico Arbeidsongeschikt loopt de lijfrente-inleg juist door. Wel vervalt daar een deel van de premie van een arbeidsongeschiktheidsverzekering zodra die polis uitkeert, en stopt de premie van een woonlastenverzekering of broodfonds helemaal.

Categorieën

De categorie bepaalt hoe de uitgave in de planning wordt gebruikt en welk inflatiepercentage ervoor geldt in de detailmodus. Denk aan auto, levensonderhoud, kinderen, vrije tijd, vakantie, abonnementen, huisdieren, wonen, partneralimentatie, kinderalimentatie en schenking.

Overige netto uitgaven en overige aftrekbare uitgaven

Past een uitgave in geen enkele categorie, dan kies je tussen twee restcategorieën:

  • Overige netto uitgaven: een gewone uitgave zonder fiscaal effect.
  • Overige aftrekbare uitgaven: persoonsgebonden aftrek in box 1. De uitgave telt volledig mee als uitgave én verlaagt het belastbaar inkomen.

De aftrek wordt toegerekend aan de persoon met het hoogste inkomen, net als betaalde partneralimentatie, en waar dat van toepassing is geldt de schijf-3 correctie.

Kies Overige aftrekbare uitgaven alleen als de uitgave daadwerkelijk aftrekbaar is. Twijfel je, gebruik dan Overige netto uitgaven: dan blijft de uitgave in de planning staan zonder fiscaal voordeel.

Heeft dit je vraag beantwoord? Bedankt voor de feedback! Er is een probleem opgetreden met je feedback versturen. Probeer het later nog eens.