Scenario instellingen: inflatie

Met de instelling Inflatie geef je aan hoe uitgaven, inkomen en pensioenuitkeringen in de loop der jaren stijgen. Zonder inflatie blijven bedragen in het plan gelijk (nominaal).

De instelling werkt op alle jaren in de planning, vanaf het startjaar van het plan. Elk jaar wordt het percentage opnieuw toegepast op het bedrag van het voorgaande jaar. Laat je een percentage leeg of vul je 0 in, dan stijgt die categorie niet.

Standaard en Detail

Net als bij Vermogen kun je kiezen tussen Standaard en Detail. Alleen de gekozen modus telt mee in de berekening.

Standaard

Percentage per categorie.

Detail

Per item binnen de categorie een eigen percentage. Naast elk percentage zie je een blokje met info over het item waarvoor je de inflatie instelt.

Wanneer je van Standaard naar Detail schakelt, worden de standaardpercentages overgenomen op rijen die nog leeg zijn. Je kunt daarna per item bijstellen.

Uitgaven

In Standaard geldt één percentage voor alle uitgaven die meedoen. In Detail stel je het per item in.

Wat stijgt wel mee

  • Doorlopende uitgaven die je zelf hebt ingevoerd (per uitgavencategorie, bijvoorbeeld boodschappen of vrije tijd)
  • Huur
  • Verzekeringspremies
  • VVE-bijdragen en erfpacht

Alleen categorieën waar daadwerkelijk gegevens voor zijn ingevuld, verschijnen in Detail.

Wat stijgt niet mee

  • Eenmalige uitgaven: blijven op het ingevoerde bedrag in het betreffende jaar
  • Hypotheek: loopt volgens het vaste aflossingsschema
  • Schulden: idem, vaste aflossing
  • Lijfrente-inleg: deze inleg hoort bij de opbouw van het lijfrentekapitaal; alleen de uitgavenkant verhogen zou de berekening scheef trekken

Inkomen

In Standaard geldt één percentage voor al het doorlopende inkomen. In Detail kun je per soort inkomen een apart percentage instellen.

Wat stijgt wel mee

  • Salaris uit loondienst
  • DGA-salaris
  • Winst uit onderneming (eenmanszaak, vof, maatschap)
  • Auto van de zaak (bijtelling)
  • Bonus
  • ORT / overwerk
  • Partneralimentatie en kinderalimentatie
  • Resultaat overige werkzaamheden
  • Schenking
  • Uitkering

Alleen inkomsoorten die in het huishouden voorkomen, verschijnen in Detail.

Wat stijgt niet mee

  • Eenmalig inkomen (bv: bonus): blijft op het ingevoerde bedrag in het betreffende jaar

Pensioen

Met pensioenindexatie geef je aan hoe AOW en werkgeverspensioen in de loop der jaren stijgen.

In Standaard geldt één percentage voor beide. In Detail kun je AOW en werkgeverspensioen apart instellen.

Wat stijgt wel mee

  • AOW-uitkering
  • Werkgeverspensioen

Wat stijgt niet mee

  • Privé- en lijfrente-uitkering: die groeien al via het ingestelde rendement op het opgebouwde kapitaal. Extra indexatie hier zou dubbel tellen.

Effect op de planning

Inflatie op uitgaven en inkomen werkt door in alle berekeningen waar die bedragen een rol spelen, waaronder de grafieken Inkomen en Vermogensgroei. Een hoger inflatiepercentage op uitgaven vergroot het tekort; op inkomen vergroot het het overschot.

Pensioenindexatie verhoogt de bruto pensioenuitkeringen vanaf het startjaar van het plan. Dat heeft direct effect op het netto-inkomen en daarmee op overschot of tekort.

Heeft dit je vraag beantwoord? Bedankt voor de feedback! Er is een probleem opgetreden met je feedback versturen. Probeer het later nog eens.